Een parel in Gods hand

Een parel in Gods hand

Weet je dat de Vader je kent
Weet je dat je van waarde bent
Weet je dat je een parel bent
Een parel in Gods hand,
Een parel in Gods hand.

Ze zeggen allemaal: je kan niks doen, je bent een oen
Ze trekken altijd aan mijn paardenstaart, ik ben niks waard
Nou heb ik weer de ranja omgegooid, ik leer het nooit
M’n moeder luistert nooit als ik wat zeg, ‘k heb altijd pech, ik ga maar weg

Weet je dat de Vader je kent
Weet je dat je van waarde bent
Weet je dat je een parel bent
Een parel in Gods hand
Een parel in Gods hand

Ik snap alweer niks van die rare som, ik ben zo dom
M’n bloes zit onder de spaghettimix, ik kan ook niks
Al noemt de hele klas me chagerijn ik mag er zijn
Al zegt m’n broertje steeds “wat stout ben jij”: God houdt van mij, God houdt van mij

Ik weet dat de Vader mij kent
Ik weet dat ik van waarde ben
Ik weet dat ik een parel ben
Een parel in Gods hand
Een parel in Gods hand